skip to Main Content
Boekbespreking ‘De Avond Is Ongemak’ Bij Dispuut Plein Air

Boekbespreking ‘De avond is ongemak’ bij dispuut Plein Air

Op dinsdagavond 6 oktober houdt ‘Plein Air’, dispuut Cultuurwetenschappen van de Open Universiteit een boekbespreking over het boek ‘De avond is ongemak’ van Marieke Lucas Rijneveld. De boekbespreking vindt plaats onder leiding van Marjan Smeets. Leden van de AVOU kunnen gratis deelnemen. 

De bijeenkomst vindt plaats in Restaurant Nieuwspoort, Lange Poten 10 Den Haag. Leden van de AVOU kunnen aan de kassa betalen, waarna ze later de kosten bij de AVOU kunnen terugvragen via het contactformulier, met vermelding van het banknummer.

Het programma luidt:
18:30 – 18:55 uur: inloop met koffie
18:55 – 19:10 uur: mededelingen
19:10 – 20:00 uur: lezing
20:00 – 20:15 uur: koffie & thee
20:15 – 21:00 uur: vervolg lezing
21:00 uur: borrel en napraten.

Aansluitend aan de lezing van Marjan Smeets is er een meningenrondje, waarbij de deelnemers de sterkte en zwakke punten van het boek kunnen bespreken.

Samenvatting van het boek ‘De avond is ongemak’
Twee dagen voor kerst maakt Matthies de grote poldertoer op het meer. Vader beslist dat het gezin niet gaat kijken wegens kalverdiarree op de boerderij. ’s Avonds komt de veearts vertellen dat Matthies in een wak terechtkwam en is verdronken. Onmiddellijk wordt de kerstboom weggedaan en krijgt buurvrouw Lien al het kerstlekkers mee.
Matthies wordt een paar dagen opgebaard in de voorkamer voordat hij wordt begraven. Jas ziet hoeveel verdriet haar vader heeft als hij bij de kist zit. Ze voelt zich schuldig omdat ze God had gevraagd haar konijn te sparen voor de kerstdagen en Matthies te nemen. Dat ze niet kan poepen ziet ze als een teken dat ze nu kan vasthouden wat bij haar hoort. Haar jas trekt ze niet meer uit, omdat ze bang is ziek te worden en ook dood te gaan zodat haar ouders nog een kind verliezen.
Anderhalf jaar later, Jas is dan net twaalf, doet ze samen met haar oudere broer Obbe en jongere zus Hanna mee aan de paddentrek, zoals ze God heeft beloofd, omdat ze tot dan toe is blijven leven. Ze redden de padden van de dood als die massaal de verkeersweg oversteken om naar het meer te gaan. Jas steekt twee padden in haar zak en bewaart die op haar kamer in een emmer. De beesten eten echter niet, en paren ook niet, net als haar ouders.
Vader dreigt vaak dat hij weg zal gaan, moeder wordt steeds magerder omdat ze nog maar nauwelijks eet, en is niet langer zorgzaam. Jas vangt op dat ze vader de abortus van voor hun trouwen verwijt, en denkt dat God hen daarvoor heeft gestraft met de dood van de eerstgeborene, de tiende plaag van Egypte uit de Bijbel (Exodus). Vader zegt dat ze verder moeten en dat God ook vergeeft. Maar moeder zegt nog liever van de voersilo af te springen. Nu is Jas bang dat haar moeder zelfmoord zal plegen.
Als Jas die zomer een keer tijdens het hooien over Matthies begint, wordt vader kwaad. Op school wordt ze gepest om haar jas. Ze heeft altijd last van verstopping maar plast wel in haar broek. Als bezwering van de angst dat haar ouders plotseling wegvallen, somt ze samen met Hanna allerlei mogelijke doodsoorzaken op.
Voor haar zwemdiploma durft ze het onderdeel wakzwemmen niet te doen. Soms valt ze flauw als ze haar adem heel lang inhoudt om dicht bij Matthies te kunnen komen. Obbe en Hanna bonken met hun hoofd tegen de bedrand, Obbe raakt steeds zijn kruin aan en Hanna bijt op haar nagels. Jas steekt een punaise in haar navel als markering van dat ze naar zichzelf toe wil en fantaseert er met Hanna over om te ontsnappen naar de overkant van het meer.
Aan hun lot overgelaten zoeken de kinderen elkaar op op hun kamers en doen ze perverse en seksueel getinte spelletjes met elkaar die steeds verder gaan. Obbe martelt en doodt dieren in het bijzijn van zijn zussen en de schoolvriendin van Jas, Belle. Hanna en Belle schrikken daarvan, maar Jas voelt zichzelf besmet met de dood. Bij een ritueel om haar nieuwe bed in te wijden nadat ze eerst in het bed van Matthies heeft moeten slapen, drukt ze een kussen op Hanna’s hoofd zodat deze bijna stikt.
In het najaar worden alle koeien en kalveren geruimd wegens MKZ, mond- en klauwzeer. En de laatste plaag zal eeuwige duisternis zijn, denkt Jas. Als Jas die dagen even alleen met de veearts is, vraagt hij haar of ze Matthies mist en zegt hij dat ze een mooi meisje is. Hanna en Jas zijn bedroefd omdat zij hun ouders na dit nieuwe verlies niet in de steek kunnen laten om naar de overkant van het meer te gaan.
Op een ochtend in november komt Obbe bij Jas in bed en vloekt hij in haar oor. Geschrokken biedt ze hem aan zijn vinger in haar anus te steken zoals vader heeft gedaan om stukjes zeep in te brengen om de ontlasting op gang te helpen. Later die ochtend ziet ze Obbe buiten huilen bij een paar bevroren bietenplanten. Op een middag gaat ze na het drinken van olijfolie ongezien buiten poepen en begraaft ze haar keutels naast de door Obbe verdronken hamster Ties.
Als moeder zegt dat ze dood wil, slingert Obbe zijn vloek de keuken in en roept hij dat ze haar gang maar moet gaan, de kinderen zijn toch al kapot. Hij dreigt iedereen te vermoorden. Met hulp van Jas verkracht Obbe Belle in de zaadschuur met een inseminatiepistool waarin ze een rietje stierensperma hebben gedaan met de ijskoude stikstof er nog aan.
Na een logeerpartij bij oma loopt Hanna steeds met haar logeerkoffertje rond. Ze fietst met Jas naar het meer, er ligt een dun laagje ijs. Dan duwt Jas Hanna het water in om te zien hoe Matthies verdronk. Geschrokken redt ze Hanna uit het water, als troost zegt Hanna dat ze thuis zal zeggen dat ze is uitgegleden.
Obbe dreigt dat hij op het schoolplein zal vertellen dat Jas in haar broek plast, mits ze een o”er brengt. Vader zegt dat hij haar jas uit zal doen, omdat er in het dorp over wordt gepraat. Ze hoort een ruzie van haar ouders die nu allebei het gezin willen verlaten. Op de dag van het o”er slaat Jas, gedwongen door Obbe, de lievelingshaan van vader dood met een klauwhamer.
Obbe zegt dat ze eraan gaat als ze hun ouders over zijn streken vertelt, hij misbruikt haar nu ook. Zonder te weten van de haan streelt vader haar wang. Ze moet naar binnen gaan. Hij komt zo haar jas uitdoen maar gaat eerst nog met Obbe naar de stallen omdat er nieuw vee komt. Moeder ontvangt ouderlingenbezoek en Jas sluipt naar de kelder en gaat met de padden in zilverpapier, zodat ze warm blijven, in de vrieskist liggen.

Geef een reactie

Back To Top